Door Maarten Bax

Hij zit inmiddels acht seizoenen bij ASV Lebo. Zaïd El Morabiti zou je een meubelstuk kunnen noemen, maar dan wel een fraaie, een Chesterfield zelfs, eentje van de beste kwaliteit. De redactie van deze site had een lang gesprek met hem. Een gesprek, dat in een drieluik zal worden gepubliceerd. Deze week deel 1, over zijn verleden als speler.

Maar eerst toch even ‘breaking news’! Zaïd stopt na dit seizoen als speler van Lebo. Na acht seizoenen vindt hij het mooi geweest. En ‘guess what’? Zaïd wordt dan gelijk de nieuwe hoofdcoach van het eerste, jawel, als opvolger van Calvin Blankendal. Laatstgenoemde kreeg woensdagavond (27 febr.) een daverend applaus voor zijn verdiensten op de bijeenkomst in de Calvijn College. Ook kreeg Calvin met terugwerkende kracht het zogeheten haasje, het karakteristieke speldje, voor zijn debuut in het Nederlands team, nu al weer zestien jaar geleden (tegen Tjechië). Uiteindelijk zou Calvin 42 keer voor Oranje uitkomen. Volgens berekeningen van Zaïd speelden de twee “zeker tien keer” samen.

Zaïd zei een dubbel gevoel te hebben. Na al die jaren topvoetbal, maakt hij nu een stapje terug. Aan de andere kant heeft hij ongelooflijk veel zin om als trainer aan de slag te gaan. “Al een paar jaar hebben we het er over dat als Calvin zou stoppen ik de ideale opvolger zou zijn. De afgelopen maanden is dat proces in een stroomversnelling geraakt. In september nam ik afscheid als speler van het Nederlands team. Inmiddels heb ik de hoogste diploma’s in het zaalvoetbal, en was ik vorig jaar al assistent-bondscoach van Max Tjaden. Ik ben zo dat ik altijd alles op mijn pad laat komen. En nu komt dus de mogelijkheid om Calvin op te volgen. Ik heb er enorm veel zin in. Maar eerst de competitie afmaken. Zo hoop ik dat we de play-offs nog gaan halen.”

Terug naar het verleden. Terug naar het jaar van 2002 toen Zaïd zijn debuut in de Eredivisie maakte. “Ik heb alles meegemaakt in het zaalvoetbal,” zo start Zaïd zijn betoog. “Ik ben in 2016 met Lebo kampioen geworden. Was toen topscorer van de Eredivisie met 33 doelpunten, had 25 assists. Ik was ook aanvoerder. Het was een droom om in je eigen stad landskampioen te worden. We wonnen in de finale nota bene van stadgenoot ’t Knooppunt, terwijl we op papier niet eens het sterkste team hadden. Bij hun speelden acht internationals, bij ons maar een paar. Voor Nederland heb ik twee keer een EK gespeeld. Toen ik in 2005 onder bondscoach Vic Hermans debuteerde, was ik pas achttien, negentien jaar. Maar hij durfde het met mij aan. Op het EK in Tjechië speelde ik pas mijn derde interland.”

Maar je begon ooit bij Ter Beek…

“Ja, we speelden in de Sporthallen Zuid. Elk weekend had ik als tiener sterren als Jermaine Vanenburg zien voetballen. Ik vond het zaalvoetbal prachtig, schreef me als lid in voor Ter Beek. Van het ene op andere moment speelde ik mijn eerste wedstrijd tegen FC Marlène. Dat was me een sterrenteam! Daar speelden Max Tjaden, Kenneth Goudmijn, Glenn Zeelig, keeper Peter Rozenbeek… Het was een ‘warm welkom’. We kregen met 11-2 klop. Ik raakte bijna geen pepernoot, de bal vloog soms onder mijn voet door. Uiteindelijk speelden we tegen degradatie. Onze hoofdcoach was Marius Privée. Ik speelde samen met Calvin, die toen speler/coach was. We zijn er net ingebleven.”

Wordt volgende week vervolgd!